…’n Heertje…

Overdenken is inhoofdelijk wikken en wegen! Dus zeg maar: “gaat ‘n ander niks aan ja”. 

Nu schrijf ik het hier als verhaal, dus laat ik je toch maar mooi meekijken in m’n denktank… Jij hoeft er niks mee, ik wel; ff kwijt, want het is zo complex.

…wik…

Hoe ver is m’n leven feitelijk al voorbij, als ik zo zeker niet meer weet of ik nog behandeld wil worden, op het moment dat er zich weer iets voordoet?

Gezien mijn ervaringen in ziekenhuis en revalidatiecentra, ben ik nog steeds bang om daar opnieuw naar toe te moeten. De kundige lieverds daargelaten, heb ik trauma door enkele minkukels. Ik hoef daar niet meer heen. Ik wil daar niet meer zijn.

Natuurlijk belt mijn lief, of iemand die me op straat vindt, 112 als het nodig is, maar in het ziekenhuis moet dan duidelijk zijn wat nog wel, en vooral wat niet meer.

Dat van te voren regelen en organiseren doen pijn, verdrietige pijn want het confronteert met hoe kort nog en  afscheid van alles. Nou praat daar maar eens gezellig over, bij koffie met ‘n “heertje”.

Verschrikkelijk om dat bij vol verstand en bruisende passie vast te leggen. Maar als het te laat is, krijg ik als kasplantje, water en Pokon van vreemden, tot de natuur bepaald dat ik mag gaan.

Wanhoop en twijfel gelardeerd met “ik kan soms bijna niet meer”. Kiezen tussen laf en lef.

Nu naast dagelijkse pijn en beperking, ook nog omstandigheden me de strot dicht drukken, wordt de behoefte aan eindregie nog actueler.

Jarenlang hard gewerkt, geknokt mijn ziekte te overwinnen, met zuinigheid en keihard werken van hoge schulden af gekomen… en dan, als we inmiddels iets moois hebben opgebouwd, aan bedrijf, dagbesteding en nieuw geluk, moeten we ons huis uit, met kansloos op iets anders.

Trawanten van de nieuwe raven lopen ons al weg te kijken over de schutting. Dus opzouten moeten we, rechteloos.

…weeg…

Wonen, welzijn en inkomen, worden ernstig bedreigd… over een paar maanden is het uit. Hoop en zicht op een iets rustiger en veilige oude dag is bijna verkeken. Wat een verdrietig vooruitzicht.

Natuurlijk hou ik vol en laat ik mijn lief niet barsten. Natuurlijk blijf ik knokken om straks voor haar iets goeds na te laten. Maar als echt alles blijft tegen zitten, hoe is dat dan vol te houden?

Naast bestoken van sympathiserende klanten, vrienden, familie en bekenden, rest ons nu nog wat brieven met smeekbedes aan gemeente, bisdom en media te sturen, maar dan is al ons kruit verschoten…

Als we zodoende nog ‘n roos geraakt hebben, is “het Heertje” met ons…

…anders is het mis…